Bij een herseninfarct sluit een bloedstolsel een slagader in de hersenen af. Een deel van de hersenen krijgt te weinig zuurstof, waardoor er uitvalsverschijnselen ontstaan. Als de afsluiting langer dan een uur duurt, kan hersenweefsel afsterven en blijvende hersenschade ontstaan.
Een herseninfarct ontstaat door een vernauwing of afsluiting van een hersenslagader door een bloedstolsel. Dit bloedstolsel kan het gevolg zijn van slagaderverkalking, een beschadigd bloedvat of een bloedstolsel dat ergens anders is ontstaan, bijvoorbeeld bij het hart door boezemfibrilleren, en is doorgeschoten naar de hersenen.
Wanneer iemand binnen 24 uur herstelt, noemen we het een TIA (Transient Ischemic Attack; een tijdelijke afsluiting van een bloedvat in de hersenen). Een TIA is een belangrijke waarschuwing, het kan de kans op een herseninfarct in de toekomst vergroten.
Een herseninfarct wordt ook wel een beroerte genoemd. Een beroerte is een verzamelnaam voor herseninfarcten én hersenbloedingen. Andere namen voor een beroerte zijn stroke of CVA (Cerebro Vasculair Accident).
Bij de meeste mensen is een herseninfarct te herkennen aan één of meer van de volgende klachten:
Een ezelsbruggetje om deze symptomen snel te kunnen herkennen is de afkorting FAST: Face, Arm, Speech, Time.
F: Face. Controleer het gezicht. Staat de mond scheef? Hangt een mondhoek naar beneden?
A: Arm. Kan de persoon beide armen optillen?
S: Speech. Is de spraak onsamenhangend? Begrijpt de persoon u?
T: Time. Tijd is belangrijk. Bel direct 112! Stel vast hoe laat de klachten zijn begonnen.
Andere mogelijke klachten zijn:
Het is heel belangrijk dat een herseninfarct snel wordt vastgesteld. De klachten van een herseninfarct en een hersenbloeding lijken erg op elkaar, maar de behandeling is heel anders. Een snelle diagnose is dus van levensbelang. Met een CT-scan of MRI-scan kunnen artsen zien waar het stolsel zit.
Na de diagnose is het belangrijk dat de behandeling zo snel mogelijk start. De kans op herstel is namelijk het grootst als de behandeling binnen 6 uur start. Time is brain: hoe sneller de behandeling start, hoe kleiner de kans op blijvende schade. Snel behandelen scheelt dus hersenschade.
Een herseninfarct kan worden behandeld met antistollingsmiddelen, stollingsoplossende middelen (trombolyse) of een operatie.
Een herseninfarct kan blijvende gevolgen hebben. Lichamelijke beperkingen, zoals een verlamming, een spraakstoornis of problemen met het zicht vallen meestal direct op.
Ook zijn er gevolgen die ‘onzichtbaar’ zijn. Deze gevolgen komen pas later tot uiting. Voorbeelden zijn aanhoudende moeheid, geheugenklachten en andere problemen met het denken, zoals overprikkeldheid, depressieve gevoelens en verandering van karakter. Met een revalidatieprogramma leren patiënten en hun naasten om met de gevolgen van de beroerte te leven en zich aan te passen aan beperkingen.
“De ondersteuning bij langdurige, onzichtbare gevolgen van een beroerte [kan beter]. Denk aan aanhoudende moeheid. Iemand ziet er goed uit, dan kun je toch weer gaan werken? Ik weet niet of we ooit iets vinden om die moeheid echt te verhelpen, maar we kunnen er wel nog beter bij begeleiden. Hoe leer je ermee omgaan? Onbegrip bij naasten, zorgverleners, het werk of instanties zorgt echt voor onnodige extra stress.”